Hoe heeft ’t ooit zover kunnen komen _ Hoofdstuk 12 _ Mijn Arnhemse tijd (3) _ ALLEN in Beweging

Bijgewerkt: okt 8


Update Donderdag 8 oktober 2020

Bijzondere aandacht voor het Joodse volk dat onder de nazi’s in WO II zo vreselijk heeft geleden.

Hier prachtige muziek van Maurice Ravel als eerbetoon aan hen.

Ravel: Deux mélodies hébraïques, M. A22: 1. Kaddisch (Transcr. For Cello And Orchestra By Richard Tognetti)

https://open.spotify.com/album/7lNSA6fjJyIjWBeK6Hkhub?si=11F_-KAYRm-ecaxA4Zfmxg


https://www.youtube.com/watch?v=EOQlbvwFar0


Zij mogen niet worden vergeten.

Als u in de tijd van Stamapostel JG Bischoff c.s. enig liefdevol woord van aandacht, gebed hebt gehoord of gelezen ten bate van onze Joodse broeders en zusters voor en in WO II en daarna, hoor ik dat heel graag van u.


Vandaag schrijf ik een meta-visie naar aanleiding van hetgeen ik in vorige hoofdstukken heb meegemaakt. Waarbij de Arnhemse ervaringen een ommekeer in mijn denken teweeg hebben gebracht. Ik ontkom er niet aan dat ik ook deels schrijf met de ogen van 2020. Aan deze meta-visie wordt een doortimmerd praktisch plan gekoppeld dat in de volgende blogs verder ontvouwd wordt, gelardeerd met de ervaringen uit de weerbarstige praktijk van alledag. Het zal gaan schuren. Niet alleens in het Arnhemse maar later ook in breder verband.

Met een aantal broeders in het District Arnhem hebben wij getracht een visie te ontwikkelen om toch die negatieve spiraal te doorbreken en niet alleen te blijven stilstaan bij het negatieve. Maar een positieve, realistische Apostolische sfeer te creëren.

Want zonder visie zijn we gelijk Seneca[i] zei:

“Geen enkele wind waait gunstig voor de schipper die geen haven van bestemming heeft”.



De voorbereidingen hebben veel tijd gekost. En wij hebben dat project de volgende naam meegegeven:

ALLEN IN BEWEGING

Met vallen en opstaan mag ik zijn, die ik nu ben. Ik kan u zeggen dat het “Arnhemse” een grote leerschool voor mij is geworden. Dus wat zou beter gekund hebben? Want ‘in den Beginne” was dat zeker niet zo helder voor mij als dat nu is.

In die periode ben ik ook begonnen boeken te lezen over kerkelijke gemeente opbouw, boeken van de theologen Harry Kuitert[ii] en Edward Schillebeeckx[iii]. Deze beiden hebben mijn wereld op zijn kop gezet.

Voor mijn gevoel kon ik de inhoud nauwelijks met iemand delen om niet veroordeeld te worden als ‘afvallige’. Ik heb geprobeerd hun denkwijzen in te passen in de wereld van het Apostolische denken. Maar dat is natuurlijk niet gelukt. Hooguit zo nu en dan een paar quotes gebruiken. Voor mij is toen al stap voor stap duidelijk geworden dat God en Jezus Messias veel groter waren dan ik tot dan toe heb gerealiseerd. En ook een veel centralere plaats moet innemen in de NAK en niet de Apostel, de Opziener, Oudste, enzovoort zoals ons officieel is voorgehouden.

Zeer recent heb ik van iemand, die ik van vroeger goed ken, onderstaand lied ontvangen. Dit is een oud – Apostolisch en van oorsprong Protestants lied, dat mijn vader graag in de dienst heeft laten zingen. Dit lied sluit elke vorm van mensenverering uit. Het helpt de mens zich de principes van JM eigen te maken en machtsmisbruik te voorkomen. Het helpt je als individu in echte vrijheid in zin en geest van JM te leven en geen slaafse navolger te zijn van een systeem (collectivisme). Of zoals mijn vader tegen mij als jongen vaak heeft gezegd: “Geen Stamapostel kan jou aan het doel van geloof brengen. Punt.”

De Onnoembare geeft ons deze vrijheid en trekt zich terug opdat onze vrije wil zich optimaal kan manifesteren, mede tot zegen van mijn naaste, van het netwerk of gemeenschap waar ik als mens toebehoor.

“In stille trouw wil ik U dienen”

In stille trouw wil ik U dienen, mijn leven hoort toch u, o Heer; daarom wil ik mijn ganse leven gaan werken, slechts ter uwer eer. Geef mij daartoe een kracht van boven, want zonder U ben ‘k niets, o God, neem Gij de leiding in mijn leven, bestier mijn aards en eeuwig lot.

In stille trouw, o lieve Vader, ook waar geen mensenoog het ziet, wil ‘k door mijn leven steeds getuigen van ‘t Godd’lijk heil dat Gij mij biedt. Want Gij doorgrondt mijn hart en zinnen, die niemand, niemand zijn bekend, gij zijt de delger mijner schulden, verlosser van mijn diepst’ ellend’.

In stille trouw, o help mij, Vader, dat ik tot dienen steeds mij geef, niet om ge-eerd, gezien te worden, maar dat ik onbaatzuchtig leef. U wil ‘k geheel mij toebetrouwen, uw liefdesarmen zijn zo wijd, ik voel mij rustig en geborgen omdat ik weet dat Gij mij leidt.


De Geboorte van een vogel –

Nu verder met een puntsgewijze evaluatie gekoppeld aan een plan:


1. De basis is dienen, dienstbaar zijn, waarbij het Evangelie van JM centraal staat.

De wederkomst van JM niet als doel beschouwen maar als een gegeven voor Heil van elk mens. Zo heb ik dat in die periode beleefd. Ook toen al in de contacten met andersdenkenden is mij steeds duidelijker geworden – o.a. mede door Malta en later in de West – dat wij mogen geloven dat Apostelen nodig zijn voor de afdracht van de Heilige Geest. Maar anderen mogen wij niet het recht ontzeggen dat zij op andere wijze de Heilige Geest kunnen ontvangen.

2. Allemaal maken we fouten. Kleine of ernstige. Belangrijk is dat we eruit leren.

Dus dat je in staat bent op je zelf te reflecteren, dat je leert openstaan voor feedback.

Als pastoraal medewerker is dat een must. Binnen een lekengemeente met allemaal goedwillende vrijwilligers is dat best een lastig punt. Zeker in een kerkelijke organisatie waar de stelling gangbaar is dat de Heilige Geest ons leidt. En men te gemakkelijk er van uit gaat dat wij geen verdere scholing nodig hebben.

Waar het mogen denken niet tot de hoogste prioriteit behoort maar afhankelijkheid wordt verheerlijkt. De dienaren hebben de wijsheid in pacht en daar dienen de leden zich aan te conformeren.


3. In een dienst, in een overweging dien je mijns inziens nooit je zelf centraal stellen, en ook niet je zelf als maatstaf nemen. Noch mogen je woorden geen omfloerst dwingend karakter krijgen. In het Apostolische jargon kan het woord ‘navolgen’ de betekenis meegegeven worden dat wij dienaren, mensen ‘dienen’ na te volgen. Als je het woord ‘navolgen’ bezigt betekent dat m.i. zo veel als de woorden van Jezus Messias (JM) serieus nemen, deze zelf te leven. Zijn boodschap is navolgenswaard. Als je als spreker een open vraag stelt, jezelf kwetsbaar opstelt, bereik je harten van mensen. Anders is er geen sprake van een basis van gelijkheid. Een open vraag stellen, of je kwetsbaar opstellen of je twijfels over een theologisch onderwerp uitspreken geeft meer nabijheid met je luisterend publiek. Want hoe word je nu wijzer? Alleen toch als je zelf mag denken? Een wijze denkt zijn leven en beleeft zijn denken[iv]. Met al zijn twijfels. Heeft iemand dat ons ooit verboden? Zo ja dan moeten we ons zelf de vraag stellen of ik wel in de goede kerk zit... Of ik moet me de vraag stellen dat ik dergelijke diepe wensen in mijzelf kenbaar en bespreekbaar maak met mijn mede broeder of zuster. Of met mijn Priester of Diaken. Of met betrokken verantwoordelijke in een gemeente of district. Ga de dialoog aan.

4. Overal stellen mensen, welke huidskleur ze ook hebben, zich dezelfde vragen, verlangen ze naar geluk, ervaren ze jaloezie of medeleven, worstelen ze met dezelfde ethische kwesties of morele dilemma’s, hebben ze verdriet als ze hun geliefden verliezen. En zodra een samenleving een bepaalde graad van economische en culturele ontwikkeling bereikt, zodra de fundamentele vereisten van overleving gewaarborgd zijn, komen dezelfde spirituele bezorgdheden altijd weer aan de oppervlakte. Dus ook in de NAK.


Diversiteit – Gemeenschap als een veldboeket


5. Dus als spreker dien je rekening te houden met deze diversiteit van gedachten en gevoelens bij je toehoorders. Maar vooral dat ieder individu door wijsheid wordt bevrijd van sociale druk. Daar ligt een groot wrijvingspunt met kerkelijke instituten. Want hoe meer de wijsheid het individu aanspoort zichzelf en de wereld te leren kennen, zijn kennis en zijn rede te ontwikkelen, vrij te worden en zich volgens zijn eigen natuur te ontplooien, is zij heel subversief ten aanzien van de religieuze en politieke machten. In de algemene westerse samenleving was deze onderdrukkende verzuiling tot eind jaren ’60 van de vorige eeuw volop aanwezig. De NAK volgt op grote afstand van deze eerder ingezette trend. Deze mens aanvaardt dan niet meer de beknelling van collectieve waarden en normen. En als die persoon bovendien denkt dat de liefde belangrijker is dan de wet, of alle mensen gelijk zijn omdat ze allemaal naar geluk of redding streven, dreigt het hele religieuze bestel van de NAK in te storten. Daarom werden alle grote Apostelen van de wijsheid vervolgd en niet zelden om het leven gebracht. Ook JM is dat overkomen. En bovendien holde de universele leer van liefde die JM predikte de rol van de priesters uit.

6. Als voorbeeld hier JM en de overspelige vrouw: door te beweren dat de liefde belangrijker was dan de wet en of te verhinderen dat zij werd gestenigd, overtrad JM daarmee de Joodse wet? [v] Dus de boodschap van JM is naar zin en geest van de wet handelen!


Rembrandt van Rijn


Zoals Maimo­nides zei, de grote Joodse denker uit de twaalfde eeuw:

‘Ieder mens krijgt de kans een rechtvaardige [...] of een onverlaat, een wijze of een gek te zijn [...]. Er is niemand die hem dwingt of die zijn gedrag vooraf bepaalt, niemand die hem mee sleept op het pad van het goede of het kwade. Hijzelf slaat uit vrije wil en heel bewust de weg in die hij verkiest.’

Over deze zin heb ik heel lang nagedacht.

En heb hier ook uiteindelijk mijn verantwoordelijkheid genomen...

In deze zin zijn wij in het District Arnhem met praktische plannen aan de slag gegaan. Eerst in persoonlijke gesprekken met elke Voorganger. Later met de gemeenten. Met als belangrijk adagio: Gebruik de sterke punten van een gemeenschap. Ons inziens lagen deze voor het oprapen. Mede door de inspirerende ideeën van Stap. Hans Urwyler kwamen wij tot: “Allen in Beweging”.


[I] https://nl.wikipedia.org/wiki/Lucius_Annaeus_Seneca

[II] https://nl.wikipedia.org/wiki/Harry_Kuitert

[III] https://nl.wikipedia.org/wiki/Edward_Schillebeeckx

[IV] Uitspraak van André Comte- Sponville, die de wijsheid werkelijk als het hoogste goed beschouwt. https://en.wikipedia.org/wiki/Andr%C3%A9_Comte-Sponville

[V] 5. De wet veroordeelt de zonde, de barmhartigheid doet de zondaar leven

De ontmoeting tussen Jezus en de overspelige vrouw is de bevrijdende ontmoeting tussen de goddelijke barmhartigheid en de menselijke ellende, en dat ondanks de meedogenloosheid van een kring veroordelers. Die veroordelers hebben de veroordeling reeds uitgesproken, de vrouw reeds afgeschreven. Zij strikken de kring toe, hebben de stenen reeds in de hand en willen de dood. Jezus veroordeelt nooit iemand. Hij opent de kring. Hij wil het leven. Hij nodigt ons uit naar anderen, niet met vooroordelen neer te kijken, maar met onbevangenheid en bewondering op te kijken. Zij zijn eigenlijk schijnheilig. Hun motieven zijn onzuiver. Zij stellen zich op als de kampioenen van de zuivere moraal, maar in feite willen zij Jezus strikken. De stenen in hun hand zijn niet alleen voor de vrouw bedoeld. Zij willen vooral Jezus treffen. Jezus' bedoelingen zijn totaal zuiver. Hij is echt en ondubbelzinnig. Hij nodigt ons uit oprecht te zijn en zuiver op de graat. Zij concentreren hun aandacht op de bedreven fout, zonder aandacht voor de vrouw zelf. Zij spreken over haar heen en gebruiken haar als een "geval" om zich tot Jezus te richten. Jezus kijkt naar de vrouw zelf en spreekt tot haar persoonlijk. Hij nodigt ons uit niemand te beschouwen als een geval waarover kan gesproken worden, maar tot de mens in kwestie zelf te durven spreken. Zij zijn onvermurwbaar, helemaal verkrampt, hard voor zichzelf en vooral voor de anderen. Zij laten de vrouw alleen met heel haar ellende en zij willen zich vooral niet met haar inlaten. Jezus krabbelt wat in het zand. Hij opent geen blijvend strafregister. Hij gelooft dat ook deze fout kan weggewist worden zoals het zand dat door de wind wordt meegenomen. Hij gelooft dat in een mens altijd verandering en verbetering mogelijk is. Hij nodigt ons uit niemand te catalogeren vanuit een gebeurde misstap, maar steeds te blijven hopen dat iemand zich kan herpakken en verbeteren. Hij nodigt ons uit mensen in hun ellende niet alleen te laten, maar onze solidariteit te tonen, ook met diegenen die zichzelf in de miserie helpen. Jezus geeft de volle aandacht aan de nieuwe mogelijkheid voor de toekomst en het leven biedt. Jezus heeft die vrouw niet gevraagd Hem eerst eens te vertellen wat zij allemaal had gedaan. Hij heeft haar daarover niets gezegd. Hij heeft haar Gods vergeving laten voelen en Hij heeft haar iets gezegd over het goede dat zij voortaan kon doen. Jezus maakt de vrouw juist los van haar foute verleden en zet haar op een nieuwe weg van verbetering voortaan. Hij kijkt altijd naar de toekomstmogelijkheden van een mens en biedt hem steeds een nieuwe levenskans. In een biecht zouden wij het best vooral uitspreken dat wij dankbaar zijn dat God ons bemint, ondanks onze fouten. Het voornaamste is daarbij niet de belijdenis van onze zonden uit het verleden. Het voornaamste is de belijdenis van Gods barmhartigheid over onze zonden. Biechten is dus niet vooral: lang blijven stilstaan bij onze vroegere fouten. Wat vooral in de verf moet worden gezet is immers niet onze zwakheid, maar Gods barmhartigheid, die de vernieuwende kracht wordt voor onze toekomst. Wat vooral hoorbaar moet zijn is de diepe dankbaarheid voor de onmetelijkheid van Gods vergeving die over ons komt juist op die domeinen waar wij onze ontrouw ervaren Zo is een biecht een hoopvolle liefdesverklaring tot God, aan wiens barmhartigheid wij ons weer durven toevertrouwen en een uitdrukking van ons geloof in de Heer van het leven, wiens Liefde sterker is dan elke dode plek in ons hart.

Paradijsvogelbloem - Strelitzia reginae

395 keer bekeken8 reacties

©2020 door Gerrit Sepers

This site was designed with the
.com
website builder. Create your website today.
Start Now