Over Vrijheid op 4 mei 2021

Dinsdag 4 mei 2021


Ik ben altijd een beetje bang om de eerste zinnen te schrijven, om de drempel van een nieuw hoofdstuk over te gaan. Als mijn schriften bol staan van koortsachtige notities, als ik geen aannemelijk smoesje meer kan bedenken, en zelfs geen onzinnige om te blijven uitstellen, treuzel ik altijd nog even. Steeds meer denk ik daarbij ook aan de woorden van de beroemde Amerikaanse schrijver Philip Roth[i]:

“Herinneringen uit het verleden zijn geen herinneringen aan feiten maar herinneringen aan je verbeelding van de feiten”.


Voor wat betreft 4 mei 2021 moet het nu gebeuren.

“ De oorlogsdoden herdenken is uiteindelijk een vorm van broederschap. Stilstaan bij wat anderen is aangedaan. Proberen te begrijpen. Het kleine groot maken, en het grote klein: individuen zoeken in het verhaal van een nederlaag voor de mensheid die eigenlijk altijd te verpletterend voor de geschiedenisboeken is gebleven”, schrijft Tom-Jan Meeuws[ii] in de NRC van 4 mei 2021.


Fusilladeplaats[iii] in Vught waar wij als kinderen vaak met

onze ouders voor deze muur met namen hebben gestaan.


Zijn boodschap is ook gericht op het verleden en het heden en zeker op de toekomst als de schrijver zijn aandacht richt op kamerlid B met zijn provocerende en beschamende omgang met onze dierbare democratische waarden. Na WO II hoorden wij als kinderen en jongeren: “Nooit meer oorlog”. Wat is er van terechtgekomen? Hoe staat het met onze democratische waarden anno 2021? Deze staan onder grote druk. Daarom dienen wij niet te zwijgen als kamerlid B mensen zand in de ogen wil strooien. Dat vraagt om een tegenreactie. Zwijgen heeft al genoeg ellende gebracht.


Laat ik beginnen:

Ik lees momenteel ook het boek van Boyd van Dijk “Het leven naast het Kamp”[iv]. Met als ondertitel ‘ Kamp Vught en de Vughtenaren 1942-1944’. Uiteraard gaan mijn gedachten uit naar mijn ouders die als pas getrouwden in Vught aan de Kampdijklaan woonden. Direct achter het Kamp. Zij hebben daar het nodige van meegekregen. Ik weet dat zij ook inkwartiering van Duitse soldaten moesten accepteren zoals vele anderen in het dorp. Zij hebben ons verteld dat de rol van de burgemeester en de politie niet altijd zo fraai is geweest. Maar deels zaten zij ook klem door de dreigingen van de bezetter. Mijn vader formuleerde dat wat cryptisch en met een cynische ondertoon: “Na de oorlog zijn de meeste verzetshelden opgestaan”. Mijn ouders hebben gedurende enige tijd een ontsnapte gevangene in huis verborgen gehouden. Een minder begaafde man uit de veenstreek in Drenthe. Door verraad zijn mijn ouders toen in moeilijkheden geraakt. Mijn vader is voor korte tijd gevangen gezet in het Kamp. Het is toen met een sisser afgelopen. De transporten van de gevangenen liepen niet alleen via station Vught.



Ook via de Kampdijklaan kwamen regelmatig grote colonnes mensen in armelijke kledij voorbij op weg naar het kamp. In de nacht hoorden mijn ouders vaak geweer salvo’s. Zij vertelden ook dat meerdere middenstanders goud verdiend hebben aan het bestaan van het kamp. Aan het einde van de oorlog was er een groot offensief waar Vught tussen in lag. Er waren geen schuilplaatsen. Buurtbewoners waaronder mijn vader hebben in het bos een provisorische schuilplaats in de grond uitgegraven en met hout bedekt. In de moeilijke uren zaten in de schuilkelder ook mijn ouders. Mijn moeder in verwachting van mijn zusje Mientje die kort na de geboorte is overleden. Angstige uren hebben zij beleefd. Mijn moeder ging met tegenzin daar naar toe. Zij zat liever onder de tafel in de woonkamer. Toch vertelde mijn vader dat er toen in de schuilkelder een lotsverbondenheid ontstond. De zuilen van verschillende geloven verdwenen. Ook aan rangen en standen werd niet gedacht . Het duurde echter maar kort. Na de oorlog kroop iedereen weer in zijn oude vertrouwde hokje. Zelf ben ik van 1946. Opgegroeid in een veilig en warm nest.



In 1951 werd het kamp omgedoopt in Woonoord Lunetten[v] en is toen een wijk in Vught geworden waar gezinnen van Molukse[vi] KNIL militairen gehuisvest werden.

De bestaande barakken werden bouwkundig aangepast en het woonoord is vernoemd naar de verdedigingswerken die er ten oosten van liggen. In dit woonoord was een Apostolische familie Vonk woonachtig, afkomstig uit Hoogezand. De broeder werkte daar als maatschappelijk werker. Regelmatig werden daar huiskamerdiensten gehouden. En zat ik bij deze Oom op zondagsschool. Het gebeurde nogal dat de diensten werden verstoord door de kampbewoners die onder grote stress leefden. Schreeuwen bij de ramen en bonken op de voordeur. Over hun toekomst waren vele onduidelijkheden. Als kinderen kregen wij deze onrust ook mee. Het maakte ons best angstig. Maar pas veel later besefte ik dat zij aan posttraumatische stressstoornissen leden. Een diepe tragiek voor deze ontwortelde mensen!


Maar het allerergste vind ik voor mezelf dat ik pas veel en veel later beseft heb dat je als kind naar de IJzeren Man ging om te zwemmen en dat daar in de onmiddelijke nabijheid nog geen 10-15 jaar eerder onschuldige mensen op gruwelijke wijze zijn omgebracht. Dat je als zondagsschool kind in ruimtes hebt vertoefd waar kort tevoren mensen als beesten en erger zijn mishandeld en zijn omgebracht. En je besefte het niet…

Ik vraag me vaak af hoe konden mijn ouders verder gaan met hun leven? Zij spraken er wel veel over met ons. Maar ik heb die vraag niet zo expliciet aan hen gesteld. In vergelijking met vele andere mensen uit dit Kamp hadden zij niet zo verschrikkelijk geleden. Maar toch, deze en andere ervaringen hebben wel hun leven ingekleurd. En ook dat van mij.

Aan de slachtoffers in kamp Vught zal ik vanavond denken bij de twee minuten stilte.

Daar hoort ook bij dat ik om menswaardige redenen aan de poort van de geschiedenis van de NAK zal blijven aankloppen om het zwijgen over haar rol in WO II te verbreken. Tegen handlangers[vii] in WO II worden momenteel in Duitsland processen aangespannen. Maar ook omstanders[viii] die niets hebben ondernomen tegen het ultieme kwaad door te zwijgen, door weg te kijken, door alleen je eigen kerk te beschermen, zonder je het leed van de slachtoffers in jouw nabijheid aan te trekken, worden heden ten dage ook steeds meer gezien als mede schuldigen.


Hierbij wil ik ook het boek van Margalithe Kleijwegt[ix] noemen “Verdriet en Boterkoek”.

Haar conclusie luidt: “De oorlog is voorbij, maar het antisemitisme niet”.

Mogen wij ons daarom te allen tijde blijven verzetten tegen dit veelkoppig monster.



____________________________________


[i] https://nl.wikipedia.org/wiki/Philip_Roth https://en.wikipedia.org/wiki/Philip_Roth https://de.wikipedia.org/wiki/Philip_Roth [ii] https://www.nrc.nl/nieuws/2021/05/04/de-vrijheidskitsch-van-het-kamerlid-b-fvd-a4042273 [iii] https://www.nmkampvught.nl/bezoek-herinneringscentrum/fusilladeplaats/ [iv] http://www.levennaasthetkamp.nl/ [v] https://nl.wikipedia.org/wiki/Woonoord_Lunetten [vi] https://nl.wikipedia.org/wiki/Geschiedenis_van_de_Molukkers_in_Nederland [vii] https://www.nrc.nl/nieuws/2021/05/03/waarom-duitsland-nog-steeds-nazis-vervolgt-de-doden-a4042265 [viii] Boek “Leven naast het Kamp”, pag. 12 e.v. [ix] https://www.vpro.nl/buitenhof/speel~POMS_AT_16512434~margalith-kleijwegt~.html

295 keer bekeken2 reacties