Hoe heeft ’t ooit zover kunnen komen? – Hoofdstuk 9 – Mijn Groningse tijd loopt ten einde (5)

Bijgewerkt: 26 aug 2020

Nieuwe ontwikkelingen nationaal en internationaal - ons vertrek uit Groningen

Update Woensdag 12 augustus 2020

Nogmaals een verantwoording waar ik lang over heb nagedacht:

Ik wist van tevoren dat ik in dit verhaal tekort zou schieten. Je probeert je zelf te verplaatsen in de gebeurtenissen van die periode van weleer. Maar je hebt ook je bril van nu op. En tegelijk wist ik ook dat ik niet langer mocht zwijgen. Zwijgen kan soms het enige zijn waarin we veelzeggend kunnen zijn. Zwijgen kan soms de enige weg zijn om recht te doen aan de herinnering, aan het gedenken. Maar zwijgen kan ook het gevolg zijn van vergeten, van gemis aan herinnering, het wegdringen ervan, onwil tot gedenken.

Daarom wil ik spreken. Omdat het zwijgen over al het gebeuren in de NAK in het verleden, in maatschappelijk, moreel, pastoraal en theologisch opzicht voor mij onduldbaar werd. Voor mij is zwijgen een ontheiliging.

In hoofdstuk 7 heb ik al een tipje van de sluier van het visionaire denken van Hans Urwyler opgelicht. Hij is van 1978 tot 1988 Stamapostel geweest. Onder zijn leiding wordt met groot elan een nieuwe periode ingeluid. Ondanks vele teleurstellingen heeft hij dit elan nooit verloren.

1. Voor de tweede maal geen Duitse Stamapostel. Definitieve verplaatsing van de hoofdzetel naar Zurich als signaal dat de NAK meer is dan een Duitse kerk.

2. Deze Stamapostel is de eerste roerganger geweest die de zeer gesloten NAK wil openen voor en naar de buitenwereld.

3. De eigen verantwoordelijkheid van iedere broeder en zuster voor zijn of haar geloof. Voor ieder mens is het Godsbeeld verschillend. Minder paternalisme. Het is vooral een boodschap aan de leidinggevenden ruimte te geven aan de vrije wil van eenieder.

4. Missionaire ideeën. Een streven om in vele landen het Evangelie van de NAK uit te dragen. Maar vooral ook in de naaste omgeving. Hiertoe is de brochure “Goddelijke Beloften” geschreven.

5. De Apostelen en Opzieners krijgen de opdracht met een prachtig eigen tijds boekwerk – een meer uitgewerkte versie van de genoemde brochure - hoogwaardigheidsbekleders te bezoeken om onze Boodschap uit te dragen en hen dit boekwerk te overhandigen. Dit alles in de geest van de Katholiek Apostolische Gemeente (KAG) in de 19e eeuw.

6. De Apostelen zijn bovenal geestelijken en geen managers. Daarom stelt Urwyler een Apostolische topman van een grote Zwitserse bank aan die de leiding krijgt over de Centrale Administratie van NAK Internationaal. Voortaan kunnen de DApostelen met hem de materiële zaken afhandelen. Urwyler wil zich meer als geestelijke ontwikkelen. Hij raadt de DApostelen hetzelfde te doen in hun eigen gebied. Deze verregaande stap leidt tot grote ernstige controverses binnen het hoogste gremium van de NAK. Geen van hen volgt hem daarin na… Het is te vroeg!

7. Een eerste afrekening met de inhoudelijke stijl van geschriften uit de JGB periode over het boek Openbaring zoals de verheerlijking van de 144.000, het knaapje, enz.[i]

8. Hij heeft de Korachs[ii] van zijn tijd aangepakt. Niemand voor hem heeft dat gedurfd. Hij heeft DAp. Rockenfelder gedwongen in de rust te gaan. Terwijl het in die tijd usance was dat een DApostel tot zijn bittere einde doorging.[iii][iv] Zijn zoon was als opvolger voorgesteld. Maar DAp. Klaus Saur kreeg het bestuur over het district Wiesbaden. Dit resulteerde na enige tijd in het vertrek van vader en zoon Rockenfelder. De laatste begon voor zichzelf...[v] Naderhand is Rockenfelder sr. op zijn schreden teruggekeerd.

9. Oprichting van diverse Projectgroepen die belangrijke morele, ethische, maatschappelijke en theologische onderwerpen bestuderen en met hun conclusies de Stamapostel kunnen adviseren.

Hij moet in de loop van de tijd ook teleurstellingen incasseren. Zoals genoemd de professionalisering van het bestuurlijk apparaat op lokaal en internationaal niveau. De toenadering tot andere geloofsrichtingen zoals in Hongarije ( zie Hoofdstuk 7), een pril begin van oecumene. Beide initiatieven sneuvelen door de onwil van de toenmalige Districtsapostelen. Het betekent voor hen verlies van macht…

Urwyler is een eenzame man geworden. Hij wordt ernstig ziek en moet om gezondheidsredenen in 1988 stoppen. Zijn opvolger Richard Fehr heeft in het begin van zijn ambtsperiode als Stamapostel een aantal programmapunten van Urwyler teruggedraaid. Namelijk punt 6 uit zijn programma en het begin van een oecumene.

We vervolgen weer onze wederwaardigheden in de districten Groningen en Assen.

Op 15 maart 1981 krijgt Nederland weer een eigen DApostel in de persoon van Gijsbert Pos. De Stamapostel Hans Urwyler verricht deze handeling. Later wordt op feestelijke wijze in Groningen afscheid genomen van Herman Schumacher.

Zeker voor de oudere lezers onder ons zijn er vele bekende gezichten te zien .

De groepsfoto roept niet alleen herinneringen op maar ook diepe emoties.

Het leven is zo kwetsbaar...

In september 1981 zijn wij voor het eerst in ons leven naar Israel geweest. Ik ben naar een groot internationaal genetisch congres in Jerusalem geweest en heb mijn vrouw toen meegenomen. Wij hebben toen voor ’t eerst in ons leven gevlogen en nog wel met de El Al. Het is een hele bijzondere reis geworden. Wij hebben zelfs een dienst in Haifa kunnen bijwonen. Het adres is moeilijk te vinden. Maar kinderen hebben ons de juiste weg gewezen. Bij binnenkomst in een woonhuis is men bezig alles in gereedheid te brengen voor de dienst. De TV staat op een klein tafeltje. Hierover wordt een wit laken gelegd een zo fungeert het als altaar. De muzikale bijdrage van het koor komt van een LP van Friedrich Bischoff. De dienst wordt geleid door Priester Chakim (op foto zittend midden voor). Hij en zijn vrouw zijn van oorsprong Joods. De overige aanwezigen zijn van Palestijnse origine. De Voorganger dient in het Hebreeuws, zijn vrouw vertaalt in het Arabisch en hij zelf vertaalt ’t nog voor ons weer naar het Duits. Hij heeft ons later weer teruggebracht naar ons hotel Jerusalem. Grappige bijkomstigheid: zijn auto is voorzien van een primitieve airco:

een propeller op het dashboard 😊).

Foto Gemeenschap Haifa

Na het aantreden van Gijsbert Pos als nieuwe DApostel is er in de Nederlandse kerkprovincie een golf van enthousiasme te bespeuren die terug te voeren is op de baanbrekende visie van Stamapostel Urwyler en op het feit dat er weer een Nederlandse bestuurder is. Even een paar voorbeelden.

In het Noorden worden overal gastendiensten georganiseerd zoals in Ommen of in een klein plaatsje in de buurt van Uithuizen.[vi] [vii]

In 1982 krijgt onze kerkprovincie Nederland er een missiegebied bij. Namelijk Malta.

Waarom dit kleine eiland in de Middellandse zee? Er bestaat geen enkele historische relatie tussen beide gebieden. Later hoor ik van de DApostel dat hij om dit gebied had gevraagd omdat een Nederlandse Districts-Evangelist (DEv) aldaar een bedrijf heeft. Mogelijk kan hij daar ook wat betekenen voor de kerk.

Mijn vrouw en ik zijn samen voor de eerste keer in mei 1982 met een groep van 12 personen naar Malta geweest. Wij hebben daar gelogeerd in het huis van de familie Louis Portelli in San Anton. En in hetzelfde jaar ook nog in de december maand. Maar dan op een andere locatie.

Weer nieuwe persoonlijke ontwikkelingen:

We krijgen in het voorjaar van 1982 “huisbezoek” van de nieuwe DAp. Pos. Daar krijgen wij het verzoek om naar Gelderland te verhuizen. Zelf zal ik dan daar het District Arnhem gaan leiden. Standplaats Ede. Pas later begrijp ik waarom juist deze plaats. Ede is namelijk naast Utrecht Zuilen één van de broeinesten van de Nederlandse NAK uit de jaren ’50 geweest,

Inmiddels is het District Arnhem wel verkleind. De gemeenten Kampen en Zwolle behoren dan bij het district Leeuwarden terwijl Almelo en Enschede worden ingelijfd bij het district Assen.

Zoals we gewend zijn zwijgen wij eerst. We spreken er wel met onze ouders over. Zij staan ook niet te trappelen… Dat betekent dus ook weer solliciteren. Mijn Professor Anders is niet blij met dit bericht. In een opleidingssituatie is dat zeker niet gebruikelijk. Het lukt mij toch aan het Klinisch Genetisch Centrum van het Wilhelmina Kinderziekenhuis mijn opleiding verder te vervolgen. Het wordt een deeltijd baan. Vier dagen per week in Utrecht en één dag per week op de Centrale Administratie te Amersfoort. Ik zie dit verzoek als een eer en als een uitdaging. Dat we qua salaris er zeker niet op vooruitgaan, heeft toen in onze overwegingen geen grote rol gespeeld. Het is voor de goede zaak! Gezien de algemene positieve ontwikkelingen in de kerk, heb ik er vertrouwen in.

Merkt u het verschil? Ik word steeds meer ingekapseld in het kerkelijk systeem...

En achteraf heeft mij het gevoel bekropen dat de hoogste leiding al veel eerder dergelijke plannen met ons heeft gehad. Nu zeg ik: wees dan transparant en leg deze overwegingen aan betrokkenen voor. Zadel hen daarbij niet op met een religieuze druk. Geef hen eerlijk de ruimte om over alle consequenties, ook de financiële te mogen nadenken. Vergeet daarbij vooral de secundaire arbeidsvoorwaarden niet.

Zeker, zoals zeer veel later blijkt, als deze leidinggevende in een gelijkaardige situatie tegen de kerkelijke leiding van toen in de jaren ‘60 ‘neen’ heeft verkocht: “Ik was te duur voor de kerk”…

Op 5 september 1982 ben ik in Hilversum ingezet als Districts-Oudste voor het District Arnhem. Ons leven is al behoorlijk hectisch en krijgt er nu nog een extra slinger bij….

Wij verkopen ons huis – midden in huizencrisis. In Ede Is ons nieuwe huis in aanbouw. Onze meubels worden opgeslagen. Bijna 9 maanden later komen deze weer te voorschijn. Ter overbrugging wonen we in een “bakhuis” [viii] in Ederveen.

Zo moeten wij ook afscheid nemen van de gemeente Roden waar wij inmiddels juist een plaatsje hebben gevonden. Dat gaat ons heel erg aan het hart. De warme band met deze gemeente is altijd gebleven. Hier nog een foto van de oudste zuster in die tijd: Zuster Wurz.




Als afsluiting:

Een nieuwe versie van het Onze Vader, dat mij zeer aanspreekt.....


Onze Vader in het verborgene (tekst Franck Ploum)

Onze Vader in het verborgene

spreek uw naam in ons hart

en ons geweten,

Dat uw wil geschiede:

eindelijk gerechtigheid

voor mens en dier en al wat leeft,

brood voor allen die lijden aan honger.

laat uw rijk van vrede

worden geboren

Geboren in ons:

hemel op aarde.

Maak ons vrij van onrecht en verzwijgen,

verzacht ons oordeel over elkaar,

draag ons in de beproeving

te leven voor onszelf alleen.

Schep toekomst hier en nu,

kom met kracht bevrijden

vandaag en morgen en altijd.

En dat wij met lichtende ademtocht

kwade duisternis overmeesteren,

onszelf en elkaars hebzucht beteugelen

omwille van een aarde met toekomst.

[i]Als ik deze bladen voor dienende broeders en bladen voor het gezin uit die periode NU teruglees ervaar ik dat de inhoud elke realiteitszin mist! Het komt bij mij over als een enorm gekwezel. Vergeef me het woord, maar zo ervaar ik dat. Mijn vader heeft toen al de bladen uit de jaren '50 van de vorige eeuw laten inbinden. Deze prijken nu in mijn boekenkast. Ik vraag me nu af waarom heeft hij dat gedaan? Is het een vorm van bewijs verzamelen voor de toekomst geweest? Ik vermoed van wel. Geschiedenis is voor hem altijd erg belangrijk geweest. De Boodschap van JGB is zeker niet zo. [ii] Korach stond op tegen Mozes en Aaron, hij pleitte, zoals God zelf gezegd had voor een koninkrijk van priesters en een heilige natie (Ex 19:6). Hij ageerde tegen Mozes en Aaron en de hele stam van de Levieten, dat alleen zij zich opstelden als heilig en als priesters. Maar iedereen was toch gelijk, stelde Korach? Hij propageerde radicale egalitaire sentimenten. Probleem met Korach was niet eens wat hij zei. Want op zich heeft hij gelijk dat ieder gelijkwaardig is. Wie heeft het recht om zichzelf boven de ander te plaatsen? Het probleem met Korach was, dat wat hij zocht in zijn opstand, geen samenleving was waar iedereen gelijke rechten had, en iedereen een priester zou zijn, hij daagde het leiderschap uit, omdat hij zelf leider wilde worden, hij wilde de macht. Korach gaat verder: Waarom zou het onder zijn leiderschap beter zijn dan onder Mozes en Aaron? Maar er waren meer opstandelingen: Datan en Awiram, uit de stam Ruben, de oudste van Jakob. Zij waren gefrustreerd omdat zij geen leiderschapsrol hadden gekregen. Waarom alleen de stam Levi? En er waren daarnaast nog eens 250 mannen van aanzien, die ook gefrustreerd waren na het Gouden kalf, toen alleen de stam Levi de macht kreeg in plaats van alle eerstgeboren mannen. Deze twee groepen, zouden het niet leuk hebben gevonden als Korach de macht had gegrepen, want dan hadden zij geen rol gehad. En zo gold dat over en weer voor de anderen. Gerechtvaardigde conclusie is: Het enige doel was om het leiderschap omver te werpen, ten behoeve van hun eigen frustratie. En niet ten behoeve van het hele volk. Mozes heeft deze tactiek doorgrond. En wat Mozes het meeste stak, was de onwaarheid die met name Datan en Awiram spraken: “In Egypte hadden we het goed, dat was een land van melk en honing.” Terwijl het juist een land was waar ze slaven waren geweest, onvrij, gemarteld. Dat maakte de discussie van Korach en de anderen tot een discussie die juist niet de goede zaak diende. De opstandelingen en hun argumenten waren wel goed , maar ze baseerden zich op onwaarheid en probeerden met leugens, het volk voor zich te winnen. Ze namen de benaming over voor het land van hun toekomst, naar het land waar ze juist vervolgd werden, slaven waren geweest. Daarmee verander je je eigen geschiedenis, en het doel waarom het joodse volk uit Egypte was bevrijd: Slaven waren wij in Egypte; maar we zijn juist de kinderen van de vrijheid, en gaan die vrijheid ook tegemoet. Bij het schrijven van het bovenstaande realiseer ik me anno 2020 dat dit thema ook nu nog steeds hoogst actueel is. [iii] Deels werd dat ook veroorzaakt omdat er voor hen geen financiële pensioenregeling was getroffen. En zij dus van de kerk een pensioen zouden moeten ontvangen. [iv] https://www.apostolische-geschichte.de/wiki/index.php?title=Hermann_Gottfried_Rockenfelder [v] https://www.apostolische-geschichte.de/wiki/index.php?title=Apostolische_Gemeinde_Wiesbaden [vi] Het enthousiasme heeft soms ook zijn prijs gehad met een onverantwoorde uitspraak van een dienstleider, een Voorganger uit een aanpalende gemeente, tijdens zo’n gastendienst. Hij verkondigt aldaar in aanwezigheid van de gastheer, de dominee, in zijn karakteristiek kerkje in het “Hoge Land” van Groningen dat deze avond voor ’t eerst de Heilige Geest hier spreekt… Vanuit het toenmalige algemene denken binnen de NAK had deze Voorganger gelijk. Uit de schofferende uitspraak werd echter toen geen lering getrokken. De exclusiviteitsgedachte was toen nog volop aanwezig. [vii] In vroeger tijden werden in de NAK speciale diensten gehouden waarvoor je je vrienden, kennissen of je buren kon uitnodigen om kennis te maken deze geloofsleer. In de jaren ’50 tot ’80 zijn er zo toch best een groot aantal leden gevonden. Later is ingezien dat je niet op deze wijze ‘zieltjes’ moet winnen en is dit fenomeen afgeschaft. [viii] Een bakhuisje is een bijgebouw van een boerderij of landhuis waarin men vroeger brood en koek bakte. In het bakhuisje bevindt zich de bakoven. In het noorden van Nederland worden dergelijke gebouwtjes ook wel stookhut of stookhok genoemd. In de moderne tijd is in de meeste gevallen het bakhuisje verdwenen van het erf. Toch kunnen er nog enkele gesignaleerd worden. En worden ze als vakantiehuisje verhuurd.

Rijpende maiskolf

618 keer bekeken4 reacties

©2020 door Gerrit Sepers

This site was designed with the
.com
website builder. Create your website today.
Start Now